Uitvoerder van het kunsten- en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Nieuws

Nog eens 1,15 miljoen euro voor het doorgeven van vakmanschap

22.05.2019
Nog eens 1,15 miljoen euro voor het doorgeven van vakmanschap
Nog eens 1,15 miljoen euro voor het doorgeven van vakmanschapNog eens 1,15 miljoen euro voor het doorgeven van vakmanschap

De Vlaamse minister van Cultuur kent in een tweede ronde 35 beurzen toe voor het doorgeven van vakmanschap in de zogenaamde ‘meester-leerling-trajecten’. Goed voor een totaalbedrag van 1.150.000 euro. De minister geeft daarmee een vervolg aan het subsidiereglement dat in 2018 voor het eerst werd gelanceerd. De beurzen passen binnen het beleid rond immaterieel erfgoed: ook niet-tastbaar erfgoed dat in hoofden en handen van mensen zit is immers erg waardevol, maar ook kwetsbaar.

De geselecteerde trajecten vinden plaats over heel Vlaanderen en Brussel, en tonen aan dat er in onze regio een heel divers vakmanschap aanwezig is. Een aantal beurzen gaat naar beoefenaars van ‘klassieke’ ambachten als smeden, borduren, of drukken. Oude praktijken leiden hierbij vaak tot nieuwe creaties, zoals in het maken van juwelen of in mode. Er is in Vlaanderen en Brussel ook heel wat knowhow aanwezig voor het in stand houden van ons cultureel erfgoed, zoals rond restauratie van oude handschriften.

De minister ziet vakmanschap ook cultuurbreed, met opvallende trajecten rond het zetten van tatoeages of het werken met Brabantse trekpaarden op onze velden. Ook podiumkunsten komen aan bod, zoals met het vakmanschap van de scenograaf, of het maken van oude muziekinstrumenten als hakkeborden. Tot slot kan ook vakmanschap dat nieuwkomers naar Vlaanderen meebrengen, leiden tot boeiende interculturele samenwerking, zoals het spelen van Marokkaanse instrumenten en muziekstijlen, of Roma-muziek.

De minister van Cultuur: “Het doorgeven van dit vakmanschap is een voorwaarde om het levend te houden. Maar vaak gaat het om intensieve en tijdrovende processen. Deze beurzen geven vakmensen ruimte en adem om een aantal maanden tot twee jaar intensief te gaan samenwerken met iemand die bij hem of haar in de leer wil gaan. Zowel de meester als de leerling ontvangen een stuk van de beurs, samen voor een bedrag van maximaal 2.000 euro per maand.”

> Een volledig overzicht van de toegekende beurzen.