Uitvoerder van het kunsten-en cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse Regering

Beoordeling

Functies en disciplines als basis voor de beoordeling van subsidieaanvragen

In het Kunstendecreet zijn vijf functies opgenomen, namelijk:

  • ontwikkeling
  • productie
  • presentatie
  • participatie
  • reflectie. 

Deze functies omschrijven de inhoud van wat een kunstenaar of organisatie doet. Daarnaast zijn er vier brede disciplineclusters opgenomen in het uitvoeringsbesluit van het Kunstendecreet. Dit zijn: 

  • beeldende en audiovisuele kunsten
  • podiumkunsten
  • muziek
  • architectuur en vormgeving. 

Kunstenaars en organisaties kunnen hun werk of hun werking beschrijven via deze functies en disciplines.

De functies en disciplines vormen het kader voor de beoordeling van de basisinstrumenten (beurzen, projectsubsidies, werkingssubsidies en ondersteuning van kunstinstellingen). In de aanvraag  geeft de aanvrager zelf  aan op welke functie(s) en binnen welke discipline(s) hij/zij wil inzetten binnen zijn project of werking. 

De zelfprofilering bepaalt het profiel van de (groep van) beoordelaars die het advies schrijft. Als een aanvraag bijvoorbeeld aangeeft dat er wordt ingezet op ‘ontwikkeling’ binnen de discipline ‘beeldende kunst’, dan wordt dat dossier voorgelegd aan een beoordelingscommissie die deze expertises bevat. 

Zo worden (clusters van) dossiers gekoppeld aan een (groep van) beoordelaars.